ICT infrastructuur

Harder werken gaat ons niet helpen

De werkdruk in de zorg neemt toe, de vraag naar zorg ook, terwijl de werknemerstevredenheid afneemt. Hoe lossen we dat op? Door een andere manier van denken en van werken, betoogt Raymonda Romberg.

Op een normale dag in mijn leven als medisch specialist in het ziekenhuis zit ik 40 procent van mijn tijd achter de computer administratief bezig te zijn in plaats van dat ik daadwerkelijk iets concreet beteken voor mijn patiënt.

Werkontevredenheid en burn-out in de zorg komen veel voor en worden veroorzaakt door onder andere haast, verlies van autonomie, het ontbreken van waardering en door minder interactie met de patiënt. De druk op de zorgmedewerkers in het zorgsysteem is enorm. Patiënten en zorgprofessionals willen de menselijke maat weer terug in de zorg.

Het zorgsysteem lijkt al overbelast. In de toekomst wordt een tekort aan zorgverleners verwacht bij een stijgende vraag naar zorg. De oplossingen die nu voorliggen zijn netwerkzorg en technologische innovatie.

Hoofdlijnenakkoord

Netwerkgeneeskunde is een van de speerpunten. Door het hoofdlijnenakkoord worden zorgverleners en instellingen geprikkeld tot samenwerking die de traditionele schotten moet overstijgen. Het zou de zorg effectiever moeten maken, zodat we de stijgende zorgvraag het hoofd kunnen bieden.

Ook technologische innovatie kan ons helpen om de toekomstige stijgende zorgvraag het hoofd te bieden. Zorgverleners hebben te maken met dubbele en overbodige administratieve handelingen. Patiënten moeten op meerdere plekken opnieuw hun verhaal doen en ondergaan dubbele onderzoeken door gebrek aan informatie bij zorgprofessionals, onder meer door niet-gekoppelde ICT-systemen. Technologische innovatie in goede en efficiënte informatie-uitwisseling kan hierin helpen.

Te langzaam

Dit klinkt goed. Maar hoe? Regelmatig lees ik nieuwsberichten dat zorgverleners en zorgaanbieders óók nog eens te langzaam zijn met innoveren en het gebruik maken van technologie in de zorg. Hoe maken we energie en tijd voor verandering? En hoe zorgen we ervoor dat deze verandering tegelijkertijd de administratielast en regeldruk in de zorg niet verergert, en liefst zelfs een verbetering geeft?

Om te innoveren is creativiteit nodig, en om creatief te zijn kan men het beste wat tijd maken om te lummelen en de hersens de vrije loop te geven. Op dat moment gaat het zogeheten default-mode netwerk in de hersenen aan: een netwerk dat geassocieerd wordt met creativiteit. Voor vernieuwing is dus rust en reflectie nodig. En dat is nu net wat onmogelijk is in dit overbelaste zorgsysteem. Door niet te innoveren en te veranderen blijft echter de druk en overbelasting toenemen. En dat met een dreigend tekort aan zorgpersoneel de komende jaren. Een onmogelijke spagaat.

Anders leren denken

Einstein deed de wijze uitspraak ‘We cannot solve our problems with the same thinking we used when we created them’. Met andere woorden: wat ons hier heeft gebracht, gaat ons niet verder brengen. We moeten het fundamenteel anders gaan doen. Harder werken en meer werken gaat ons niet helpen.

Ondanks de druk zijn er wel degelijk veel zorgprofessionals die ideeën hebben hoe het anders en handiger kan. De vraag daarna is hoe deze ideeën vorm kunnen krijgen en werkelijkheid kunnen worden. En dan loop je als medicus tegen een weerbarstige wereld aan. Veel veranderingen zijn afhankelijk van het epd of moeten via het epd gekoppeld worden. Vanuit het ziekenhuis digitaal connectie maken met de zorgprofessionals die buiten het ziekenhuis in het netwerk rond de patiënt zitten is een enorme uitdaging. Dit gaat jaren duren als we afhankelijk blijven van de traditionele EPD’s en de koppelingen daaraan.

Niet toegestaan

Even ‘agile’ een verandering doorvoeren is niet mogelijk. Sommige wezenlijke veranderingen en koppelingen worden niet toegestaan door de leverancier van het epd. Op andere momenten kan het wel, maar ben je in 2020 de eerste… Dat belemmert de ontwikkeling. Er wordt nu eerst ingezet op standaardisatie van informatie, zodat deze uitwisselbaar wordt. In de loop van 2020 komt minister Bruins met een wetsvoorstel om de elektronische gegevensuitwisseling in de zorg te regelen.

Kan het niet sneller?

10 procent lummeltijd

Misschien kunnen we in plaats van marktwerking, andere ideeën uit het bedrijfsleven overnemen. Als elke zorgprofessional nu eens 10 procent van zijn tijd investeert in innovatietijd (lees: lummeltijd): brainstormen, innoveren en veranderen. Hoe snel zou dan de zorg veranderen?

Een innovatieklimaat kunnen we creëren door de dynamiek van de startup cultuur over te nemen. Een van de kenmerken is het stimuleren van creativiteit en bevlogenheid. Wendbare innovatieteams zetten kleine stappen met veel energie en inspiratie. Met een ondernemende cultuur kun je meer snelheid maken. Deze innovatieteams zouden de mogelijkheid moeten krijgen om samen te werken met innovatie teams over de muren van de instelling of domeinen heen om anders te leren denken en de innovatie in de zorg te versnellen.

Verzekeraars

De uitdagende doelstelling om te ontregelen en te minderen in de administratie in combinatie met netwerkzorg zou een mooi startpunt kunnen zijn. Zorgverzekeraars zouden initiatieven kunnen stimuleren op dit gebied. Dit gebeurt nog te weinig. Ook wordt er nog te weinig gebruik gemaakt van de kracht van ondernemers. De gezondheidszorg is immers een enorme markt. Het zou toch zonde zijn om de technologische innovatie alleen in handen te laten van de oligopolisten van het traditionele epd. Meer flexibiliteit en toegankelijkheid is nodig!

Het wordt tijd dat er disruptie komt ten aanzien van de ict-oplossingen in de zorg, zoals Apple en Google ooit Microsoft een duw gaven. Dat geeft verfrissing en versnelling. Misschien dat het marktdenken in de zorg dan toch voordelen kan bieden.

Bevlogen en creatieve zorgprofessionals zijn de drivers van een effectief werkend zorgsysteem, mits de menselijke maat behouden blijft. Als het lukt om met technologische innovatie meer tijd voor menselijke aandacht naar de patiënt te creëren, dan zou ik een tevreden zorgprofessional zijn die elke dag met nog meer passie opstaat om mijn patiënten te helpen.

Raymonda Romberg werkt sinds negen jaar in het Admiraal De Ruyter Ziekenhuis (ADRZ) in Goes, Vlissingen en Zierikzee, gedeeltelijk als anesthesioloog, gedeeltelijk als medisch manager. Ze is bestuurslid van de VvAA. Meer artikelen van de VvAA vind je hier

Reacties