Zo kun je innovatie strategisch aanpakken

Zorginnovatie is een zaak van van ons allemaal. Van de raad van bestuur tot de werkvloer. Zorginstelling Amarant volgt daarbij een bewuste strategie. Leon Wijnen schetst een casus.

De taakverdeling bij innovatie is helder. De raad van bestuur geeft richting en focus, stelt budget beschikbaar en geeft ruimte en vertrouwen. Op de werkvloer zijn de praktische problemen in het zorgproces het meest concreet en liggen de oplossingen tegelijkertijd vaak voor het oprapen. Zorginnovatie vraagt dan ook om een integrale benadering, inclusief regie op het proces en de volwassenheid van de innovatieve organisatie.

Het innovatieprofiel van Amarant

Een belangrijke vraag daarbij luidt: wat is ons innovatieprofiel? Zijn we een ‘Innovator’, ‘Early adopter’ of vallen we bijvoorbeeld in de categorie ‘Late majority’? Zorginstelling Amarant maakte bewust de keuze voor een ‘Early majority’-strategie. Nieuwe technologieën of zorgconcepten zijn bewezen effectief in andere sectoren voordat Amarant ze toepast. Daarmee reduceer je het risico op falen en komt de focus vooral op het succesvol implementeren en de opschaling te liggen. Al een uitdaging op zich.

Van analyse tot opdracht

Aan het begin van het ‘innovatiejaar’ voerden we een macro-economische analyse uit. Deze analyse werd vertaald naar de relevante trends voor de organisatie. Deze vormden de basis van de innovatieopdracht, gericht op een beperkt aantal focusgebieden.

Gedurende het jaar werd het strategisch innovatieportfolio gevuld met projecten die pasten in deze opdracht. Prioriteiten werden gesteld op basis van concrete criteria, zoals: wat is de fit van het project met de strategie van de organisatie? Hoe risicovol is het project? Wat zijn de investeringen en hoeveel cliënten of medewerkers gaan er profijt van hebben? Budgetten en tijd zijn schaars en innoveren is dan ook keuzes maken. Objectieve criteria helpen daarbij.

Innovaties van alledag

Innovatie dient niet alleen een strategische focus te hebben. Amarant heeft daarom ook het programma ‘Innovaties Van Alledag (IVA)’. IVA is erop gericht dat je bij het dagelijks handelen bewust wordt van hoe het anders en beter kan. Beter in de zin van sneller, makkelijker, duurzamer of goedkoper. Uiteindelijk gaat het immers om waardecreatie.

Ook het nevendoel is niet onbelangrijk: IVA is leuk. Het helpt het plezier op de werkvloer te verhogen. Het geeft ruimte aan medewerkers om eindelijk eens iets te doen met ideeën waar ze vaak al lange tijd mee lopen. IVA geeft waardering.

Innoveren kost tijd

Voordat medewerkers in de zorg gaan innoveren, is enig geduld nodig. Bij Amarant kwamen we erachter dat IVA een aantal volwassenheidsfasen doorloopt. Het begint met het inspireren van medewerkers om iets met de plannen in hun hoofd te gaan doen. Om dit voor elkaar te krijgen, moet je naar de medewerkers toe. Geef aan dat je ze ondersteunt in het proces van uitwerken en uitvoeren van hun idee.

Daarna is het belangrijk IVA te ervaren en doen, totdat mensen het écht zien. Ook het management moet IVA gaan begrijpen, zodat ook zij inzien wat de waarde is van het bieden van ruimte aan medewerkers. Pas hierna kan er een situatie ontstaan waarbij innovatiegedrag en -processen zijn verankerd in de mensen, structuren en systemen.

Integratie in de organisatie

Uiteindelijk bereik je een ecosysteem van innovatoren, ondersteund door virtuele platforms en leiderschapsplatforms. De organisatie is nu zó volwassen op het gebied van innoveren in alle lagen, dat er een energieflow ontstaat waarin medewerkers, cliënten en verwanten je organisatievisie uit eigen beweging delen. Innovatie wordt continu opnieuw vormgeven door middel van co-creatie en samenwerking met de buitenwereld. Ben je eenmaal in deze fase beland, dan kun je met recht zeggen: innovatie is van ons allemaal.

Leon Wijnen, voormalig manager marketing, strategie en innovatie bij Amarant

 

Reacties